Back to Training

Skills EHBO

0% Complete
0/0 Steps
  1. Skill 200 - Noodvervoersgreep Rautek
  2. Skill 200A - Noodvervoersgreep Rautek
  3. Skill 200B - Noodvervoersgreep Rautek uit een stoel/bank
  4. Skill 201 - Van Buik naar Rug draaien
  5. Skill 201A - Van Buik naar rug draaien
  6. Skill 202 - Benaderen slachtoffer
  7. Skill 202A - Benaderen Slachtoffer
  8. Skill 203 - Verbandmiddelen
  9. Skill 203A - Verbandmiddelen
  10. Skill 203B - Verbandmiddelen: Verbinden van gewrichten
  11. Skill 204 - Stabiele zijligging
  12. Skill 204A Stabiele Zijligging
  13. Skill 205 - Reanimatie (Basic life support (BLS)
  14. Skill 205A - Reanimatie (Basic life support (BLS)
  15. Skill 205B - Reanimatie op muziek
  16. Skill 205C - Reanimatie met resultaat op papier
  17. Skill 206 - AED
  18. Skill 206A - AED
  19. Skill 207 - Kleine ongevallen
  20. Skill 207 - Kleine ongevallen antwoordformulier instructeur
  21. ?Skill 207A - Kleine ongevallen
    1 Vragenlijst
  22. Skill 208 - Shock
  23. Skill 208A Shock
  24. Skill 208B - Domino Shock
  25. Skill 209 - Verslikking
  26. Skill 209A - Verslikking
  27. Skill 210 - Botbreuken en/of wervelletsel
  28. Skill 210A - Botbreuken en/of wervelletsel
  29. Skill 210B - Botbreuken, spalken
  30. Skill 210C - Wervelletsel
  31. Skill 211 - Flauwte
  32. Skill 212 - Vergiftiging
    1 Vragenlijst
  33. Skill 212B - Vergiftiging proef
  34. Skill 213 - Kneuzingen en verstuikingen
  35. Skill 213B - Kneuzingen en verstuikingen
  36. Skill 214 - Ziektebeelden
  37. Skill 214 - Ziektebeelden antwoordformulier instructeur
  38. Skill 215 - Brandwonden
    1 Vragenlijst
  39. Skill 215 – Brandwonden antwoordformulier instructeur
  40. Skill 216 - Warmteletsel
  41. Skill 216 - Warmteletsel antwoordformulier voor instructeurs
  42. Skill 217A Koude letsels
  43. Skill 218 - Alternatief Vervoer met een deken
  44. Skill 219 - Pleisters plakken
  45. Skill 219B Pleisters plakken
  46. Skill 220 - Oogletsels
  47. Skill 220B - Oogletsels, vuiltje in het oog
  48. Skill 220C - Oogletsels, bijtende stof in het oog
  49. Skill 220D - Oogletsels, lasogen of een stompletsel
  50. Skill 221 - Bloedneus
  51. Skill 221B - Bloedneus door stomp object
  52. Skill 222 - Gebitletsel
  53. Skill 223 - Kort stappenplan EHBO
    1 Vragenlijst
  54. Skill 224 - Amputatie lichaamsdeel
  55. Skill 225 - Stop de bloeding
  56. Skill 225B Stop de bloeding Tourniquet
  57. Skill 227 Gescheurde onderlip
  58. Skill 228 - Hulpverleningsrapport
  59. Skill 229 - Bordspel Eerste hulp
  60. Skill 327 - Reanimatie Baby
Hoofdstuk 13 of 60
In uitvoering

Skill 205 – Reanimatie (Basic life support (BLS)

Hoofddoelen

  • Luchtweg vrij maken
  • Ademhaling beoordelen
  • Op de juiste manier alarmeren
  • Hartmassage op de juiste manier uitvoeren
  • Beademing goed uitvoeren

Scenario

Je bent alleen met het slachtoffer, deze is bewusteloos en heeft geen ademhaling. (Op de juiste wijze het Reanimatie protocol uitvoeren)

Rol deelnemers

1 cursist leest
1 cursist voert uit
1 cursist corrigeert

Opdracht: Reanimatie op de juiste wijze uitvoeren (per cursist)

Open de luchtweg:
Voert de kinlift uit.

Beoordeel de ademhaling:
Houdt de luchtweg open (blijft de kinlift uitvoeren) 
Kijkt of de borstkas omhoog komt;
Luistert aan de mond en de neus of er ademgeluiden hoorbaar zijn;
Voelt met de wang of het slachtoffer lucht tegen de wang ademt;
Doe dit maximaal 10 seconden.

Alarmeer zelf en leg je telefoon naast het hoofd van het slachtoffer op speaker of laat een omstander alarmeren:
Het slachtoffer is bewusteloos en ademt niet, niet normaal of er is twijfel over de ademhaling geef aan dat het om een reanimatie gaat.

Voer hartmassage uit:
Neemt de juiste positie in t.o.v. het slachtoffer in;
Plaats handen op de juiste wijze;
Zit loodrecht boven het slachtoffer met gestrekte armen;
Drukt borstkas 5-6 cm (1/3 van het lichaam) in, leunt niet op slachtoffer en laat de borstkas volledig opkomen zonder daarbij contact met de borstkas te verliezen;
Geef 30 compressies met een frequentie van 100 – 120 compressies per minuut.

Voer mond op mondbeademing uit:
Maak de luchtweg vrij (kinlift);
Geef 2 beademingen in 10 seconden;
Sluit de neus af;
Kijkt uit de ooghoek of de borstkas van slachtoffer omhoog komt;
Haalt de eigen mond van mond slachtoffer, terwijl het hoofd gekanteld en de kin gelift blijft, laat neus los en kijkt of de borstkas inzakt.

Bij geen beademing: Cursist voert onafgebroken borstcompressies uit.